Beloken Pasen. De naam alleen al klinkt als een zucht. Het is de zondag na Pasen, de dag waarop de kerk van oudsher de paasweek afsloot — de luiken van de paaskaars werden “beloken”, gesloten. Gedaan met de grote vreugde. Terug naar het gewone leven.Maar dit jaar lijkt Beloken Pasen meer dan een liturgische kalenderafspraak. Het lijkt een beschrijving van de tijdsgeest.Want terwijl de kerk op paaszondag uitbundig riep dat de dood niet het laatste woord heeft, dat licht sterker is dan duisternis, dat hoop geen naïviteit is maar een daad van verzet — zijn er buiten die kerkdeuren heel wat luiken die gesloten blijven. Niet uit rouw. Niet uit vroomheid. Maar uit kille berekening.
Kijk naar de internationale politiek van deze weken. In Oekraïne gaat de derde lente van een totale oorlog voorbij, terwijl vredesonderhandelingen worden gevoerd als handelstransacties, waarbij een bezet land als wisselgeld dient. In Gaza liggen kinderen onder het puin terwijl wereldleiders spreken over “humanitaire corridors” die er niet zijn. In Soedan sterven mensen een stille, vergeten dood, ver van de camera’s. En in de coulissen van Washington, Brussel en Moskou worden deals gesloten waarbij mensenlevens de valuta zijn.
De luiken zijn dicht.
Het evangelie van deze tweede paaszondag is het verhaal van Thomas, de leerling die niet geloofde. Hij was er niet bij toen de andere apostelen de Verrezen Heer zagen. En acht dagen later — op precies dit moment in het liturgisch jaar — staat Jezus opnieuw in hun midden. Niet om Thomas te bestraffen. Maar om hem uit te nodigen te voelen, te zien, te geloven. Er is iets ontroerends aan dat verhaal, zeker in deze tijden. Want Thomas sloot zijn luiken niet uit slechtheid. Hij sloot ze uit pijn, uit teleurstelling, uit de diepe wond van iemand die te veel had gehoopt. Dat herkennen we dat niet?. Wie kan het nog opbrengen om te hopen, als hoop zo dikwijls beschaamd wordt?
Maar de politici die vandaag de luiken sluiten, doen dat doorgaans niet uit pijn. Ze doen het uit strategie. Ze doen het om niet te hoeven zien. Om niet te hoeven antwoorden. Om comfortabel te blijven in een wereld die voor anderen ondraaglijk is. Het geloof vraagt iets anders. Niet het naïeve geloof dat alles vanzelf goed komt, maar het weerbarstige geloof dat zegt: ik blijf kijken. Ik blijf de naam noemen van wie lijdt. Ik weiger de troostende verdoving van de nieuwsstroom die alles gelijkschakelt en niets laat binnenkomen.
Beloken Pasen is geen dag van afsluiting. Het is een uitnodiging om, net als Thomas, de handen uit te steken. Om het puin aan te raken. Om present te zijn bij wat pijn doet. Om veranderingen af te dwingen.
De luiken openduwen is een geloofsdaad en een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Juist nu.